De Pittige Pinksterbloem

De Pinksterbloem (Cardamine pratensis L.) heeft geen uitgebreide geschiedenis als medicinale plant. Wel wordt het kruid veel genoemd in de folklore van Europa en in mythen en legenden.

Er zijn bijvoorbeeld veel connecties met donder en bliksem. Als je het kruid zou plukken, dan zou een onweersbui losbreken. Het zou ook de bliksem aantrekken en werd om deze reden nooit in huis geplaatst. Een andere reden om het kruid niet in huis mee te nemen, was dat het ongeluk bracht, want het was heilig voor het Kleine Volkje, om deze reden werd het ook niet in Beltane-bloemenslingers gebruikt.

Dan zou het plantje ook adders aantrekken, de enige giftige slang in onze streken, het plukken van een Pinksterbloem, zou betekenen dat je binnen een jaar door een adder gebeten zou worden. (Grieve, 1931)

In Ierland was er het bijgeloof, dat kinderen die geboren werden op Beltane, het boze oog hadden en daarom werden de ogen van het kind gewassen met het sap van de bloem, mogelijk vanwege de peperige eigenschappen van het kruid, werd dit als uitdrijvend gezien. (Grieve, 1931)

Net als veel andere ‘kerssoorten’ is de Pinksterbloem zeer rijk aan vitamine C en werd het meegenomen op zeereizen, toen men er eenmaal achter kwam dat scheurbuik genezen kon worden door het eten van verse groenten en fruit. Scheurbuik is een ziekte die ontstaat door gebrek aan vitamine C, er ontstaan daardoor zwellingen en bloedingen van het tandvlees en inwendige bloedingen, de ziekte is dodelijk, maar kan makkelijk genezen door inname van vitamine C. Vooral op lange zeereizen was het lastig om verse groenten en fruit mee te nemen en tijdens de eerste zeereizen naar Indie, stierven vele zeelui aan deze ziekte. Later vond men oplossingen in het meenemen van citroenen, ingemaakte zuurkool en ‘kersachtigen’.

Daarnaast werd Pinksterbloem in de volksgeneeskunst ingezet tegen ‘obstructies van de lever’, mild en klieren’, geelzucht, oedeem en aandoeningen van de urinewegen.

In de 19de eeuw kwam het kruid wel voor in de Farmacopea van Europa, er werden antispasmodische effecten aan de bloemen toegeschreven en het werd voorgeschreven bij epilepsie en andere aandoeningen die gepaard gaan met verkrampingen.

Tegen de 20ste eeuw was Pinksterbloem nauwelijks nog in gebruik binnen de kruidengeneeskunde. (Grieve, 1931)

De Pinksterbloem is een vaste plant uit de Brassicaceae (Koolfamilie), en kan tot 50 cm hoog worden. De plant groeit veel langs de waterkant of in vochtige weiden. In de lente groeit het kruid uit een bladrozet, die vaak wat rood is aangekleurd, de stengel is hol, rond en waterig, de bladeren aan de stengel zijn smaller en langer. In de maanden april/mei bloeit de Pinksterbloem met prachtige lila kruisbloemen, soms ook met witte bloemen. De bloemen worden voornamelijk bestoven door insecten, maar als het in de lente te koud is voor insecten, dan kunnen de langere meeldraden zich buigen naar de stamper en deze zelf bevruchten. Later vormt het kruid zaadhauwtjes, net als andere leden van deze familie.

Pinksterbloemen hebben graag natte voetjes

Pinksterbloemen hebben zich in zeer natte milieus aangepast aan de omgeving, omdat de bodem zo nat is, hebben zaadjes minder kans om te ontkiemen, daardoor kan het kruid zich ook vermenigvuldigen door worteltjes aan de deelblaadjes te vormen, als deze op de grond vallen, dan kunnen ze zich in de bodem wortelen en uitgroeien tot nieuwe planten.

De Pinksterbloem is een waardplant voor de rups van de Oranjetip (Anthocharis cardamines) die ook genoemd is naar dit plantengeslacht (Cardamine).

Pinksterbloemen zijn redelijk algemeen, maar zijn wel minder talrijk dan vroeger. Vroeger stonden hele weilanden vol, maar door het verlagen van de grondwaterspiegel, zijn ze tegenwoordig alleen te vinden langs slootkanten.

Pinksterbloemen komen voor in heel Europa en Azie, en hebben zich verspreidt in Noord-Amerika, met de komst van de Europeanen.

Omdat de Pinksterbloem het in de natuur zwaarder te verduren heeft, is het zinvol om de plant zelf te kweken, het is een prachtige plant voor rond een natuurlijke vijver of in een vochtige bloemenweide.

Er bestaat een gevuldbloemige variant Cardamine pratensis ‘Flore Pleno’.

Beeldschoon, de gevuldbloemige Pinksterbloem

Zaaien kan buiten in april in een zaaibed in de schaduw. Uitplanten in de herfst of lente. De plant produceert jonge plantjes aan de basis van de bladeren, wanneer deze groot genoeg zijn, kunnen ze worden gescheiden en worden opgekweekt als individuele planten.

Medicinaal en culinair worden de bloemen, de bovengrondse bloeiende delen, de bladeren en soms de wortel van de plant gebruikt.

Blad: kun je het beste voor de bloei oogsten, dan zijn ze minder bitter. De smaak is zeer pittig en peperig scherp, meer dan bijvoorbeeld Rucola. Je kunt ze het beste vers verwerken in een salade, voeg niet teveel toe, de smaak is dominant, maar als smaakaccent zijn ze erg lekker.

Bloemen: wanneer de plant bloeit, je kunt ze vers verwerken in een salade, de smaak van de bloemen is milder dan het blad.

Pinksterbloem hebben in de bovengrondse delen de volgende inhoudsstoffen:

-Glucosinolaten: (1-methylpropyl), (1-methylethyl), benzyl, (4-methoxy-1H-indol-3-yl)methyl, pent-4-en-1-yl), 1H-indol-3-yl)methyl, 4-hydroxyphenylmethyl, 2-hydroxy-2-methylpropyl, 2-hydroxy-1-methylethyl, 3-methylpentyl, 1-methoxy-1H-indol-3-yl)methyl, butyl, ethyl, pentyl, 4-methoxyphenyl) methyl, (1,4-dimethoxy-1H-indol-3-yl)methyl (Montaut, 2011), (Agerbirk, 2010), (Mаrković, 2010) Glucosinolaten die ook nog wel mosterdglycosiden genoemd worden, zijn een groep van in water oplosbare organische verbindingen die bestaan uit zwavel, stikstof en een groep gevormd uit glucose, ze vallen onder de glycosiden. Het zijn secundaire metabolieten die vooral voorkomen in de Brassicaceae/Cruciferea. Deze groep stoffen veroorzaken de scherpe mosterdsmaak in planten zoals Mosterd (Sinapis alba/ Brassica nigra), Mierikswortel (Armoracia rusticana), Wasabi (Wasabia japonica), Waterkers (Rorippa nasturtium-aquaticum), Rucola (Eruca sativa), Tuinkers (Lepidium sativum) en andere ‘cresson/kers-achtigen’. Voor planten dient deze stof als een pesticide en veel planteneters waarderen de scherpe smaak ook niet. Veel mensen hebben echter een typische voorkeur voor deze smaak, en de meeste planten uit deze familie zijn dan ook culinair in gebruik. Ze worden gevormd uit de aminozuren: methionine, fenylalanine, tyrosine of tryptofaan.
- Flavonoiden en fenolische zuren: kaempferol 3-a-d-diglucoside-7-glucoside (Agerbirk, 2010)
- Aminozuren en derivaten van aminozuren: alanine, leucine, isoleucine, methionine, valine, fenylalanine, tyrosine, cysteine. aspartaanzuur, threonine, serine, glutaminezuur, proline, glycine, histidine, lysine, arginine, asparagine, glutamine. ornithine,taurine , g-aminobutyrinezuur (Montaut, 2011)
- Vitaminen: C (Mаrković, 2010)
- Carotenoiden: caroteen (Mаrković, 2010)
- Bitterstoffen
- Mineralen: kalium, ijzer, magnesium

De Pinksterbloem is meer een volksgeneeskruid, dan een uitgebreid gedocumenteerde medicinale plant, naar de effecten van Pinksterbloem zijn dan ook zo goed als geen specifieke onderzoeken gewijdt.

Wat rest zijn wat beschrijvingen van diverse toepassingen uit vooral de Europese volksgeneeskunde of onderzoeken naar planten die vergelijkbare stoffen bevatten.

Pinksterbloem behoort tot de voorjaarskruiden, die mens en dier na een lange winter toegang geeft tot belangrijke vitaminen en mineralen, het is vooral een vitamine C-bom. Het kruid werd in het verleden dan ook veel culinair verwerkt en staat weer in de belangstelling als ‘wilde groente’.

Net zoals veel andere leden van de Brassicaceae bevat Pinksterbloem glucosinolaten (mosterdglycosiden), deze zorgen voor de scherpe smaak van deze planten en kruiden. Sinds de ontdekking van sinalbine in de zaden van de Witte Mosterd (Sinapis alba), zijn er meer de 120 glucosinolate stoffen ontdekt in deze familie, die zoveel voor ons eetbare planten omvat.

Vooral de glucosinolaten (glucorafanine/sulforafaan) in Broccolispruiten (Brassica oleracea), zijn onderwerp van onderzoek geweest.

In vitro en in vivo lijken deze o.a. een celbeschermend effect tegen borstkanker, prostaatkanker, darmkanker, slokdarmkanker en alvleesklierkanker te hebben. De mechanismen achter dit effect zijn divers, maar hangen samen met veranderingen aangebracht in de carcinogene stofwisseling, inductie van het stoppen van de levenscyclus van de carcinogene cellen en apoptosis, en het hebben van sterke antioxidante, ontstekingsremmende en immuno-modulerende eigenschappen. (Zhang, 1992), (Fahey, 1997), (Kanematsu, 2011), (Myzak, 2007), (Chen, 2012), (Qazi, 2010), (Li, 2011)

Epidemiologisch onderzoek toonde duidelijk aan dat de kans dat mensen blaaskanker krijgen aanmerkelijk daalt als een persoon regelmatig rauwe koolsoorten eet. (Tang, 2008)

Dit zegt natuurlijk niet direct iets over de medicinale effecten van de Pinksterbloem, maar geeft iig een indicatie voor antioxidante eigenschappen, die deze plant mogelijk heeft.

Er is geen onderzoek verricht naar effecten van Pinksterbloem op het hart en de bloedvaten, wel is er onderzoek verricht naar Broccolispruiten op dit werkingsgebied.

Extracten van Broccolispruiten hebben ook een bloeddrukverlagend effect in ratten, dankzij de aanwezigheid van sulforafaan, deze stof verlaagd oxidatieve stress in de weefsels van het hart en de nieren. (Wu, 2004), (Senanayake, 2012)

In een onderzoek op ratten met bleek dat het voeren van broccoliextracten aan deze dieren het hart beschermde bij een geinduceerd infarct en de dood van hartcellen verminderde. (Mukherjee, 2008)

Glucosinolaten lijken ook het zenuwstelsel te beschermen, zo beschermd sulforafaan in diermodellen de hersencellen bij onvoldoende doorbloeding van de hersenen, hersentrauma, hersenbloedingen en letsel van het ruggemerg. Het toedienen van sulforafaan verminderde de grootte van het infarct, oedeem van de hersenen en het ruggemerg, verminderde de hoeveelheid ontstekingsmarkers en weefselschade en hield de bloed-hersenbarriere. (Zhao, 2005), (Zhao, 2007), (Dash, 2009), (Hong, 2010), (Zhao X. e., 2007), (Zhao X. e., 2009), (Chen G. e., 2011), (Ping, 2010), (Mao, 2011), (Wang, 2012), (Noyan-Ashraf, 2005)

In een muismodel van de ziekte van Parkinson , beschermde sulforafaan tegen celdood van dopaminerge neuronen en werkte ontstekingsremmend. (Jazwa, 2011)

Pinksterbloem wordt in de literatuur genoemd als remedie tegen hardnekkig hoesten en krampen in de onderbuik.

De verwarmende eigenschappen van het kruid kunnen worden ingezet voor de behandeling van reumatische pijn in de vorm van een warm kompres of cataplasma.

In de homeopathie wordt Pinksterbloem in sterke verdunningen ingezet tegen maagkrampen.

Verder is Pinksterbloem vooral culinair in gebruik en is een populaire wilde groente.

Contra-indicaties zijn tot nu (2016) onbekend, maar door het scherpe, peperige karakter van het kruid, lijkt het aannemelijk dat mensen met ernstiger maagklachten Pinksterbloem beter kunnen vermijden.

Er zijn geen interacties bekend van Pinksterbloem met reguliere medicijnen (2016)

Als het kruid in grote hoeveelheden wordt gegeten kunnen maagklachten ontstaan.

Culinaire recepten met Pinksterbloem

* Notenpuree met Pinksterbloemen

Ingredienten:

- 200 gr ongezouten Pecan – of Walnoten
- Snufje zout/peper
- 1 el Walnootolie
- ½ el geraspte citroenschil
- half kopje verse Pinksterbloemen

Bereiding

Maal de noten fijn, maar niet tot poeder in een foodprocessor, doe ze in een kom en voeg de walnootolie toe en het zout, peper en de citroenrasp. Eventueel iets meer walnootolie toevoegen voor een smeuiige consistentie. Meng dan de Pinksterbloemen erdoor, zodat je mooie lila kleuraccenten krijgt. Lekker op brood bij een lente-lunch.

* Pittigzoete Lente Kruisbloemensalade

Alle bloemen in deze salade zijn afkomstig uit het koolgeslacht.

Ingredienten:

- 100 gr rucola
- 1 gesnipperd sjalotje
- 1 zoete appel in stukjes
- Handje Pinksterbloemen
- Handje Judaspenningbloemen
- Handje Herikbloemen (of een andere koolzaadsoort met gele bloemen)
- 20 ml Walnootolie
- 30 ml Hennepzaadolie
- 20 ml citroensap
- 1 el rauwe honing
- Peper en zout naar smaak

Bereiding

Meng de rucola, het sjalotje, de zoete appel en maak een dressing van de walnootolie, de hennepzaadolie, het citroensap, de honing en het zout en peper. Giet over de salade en hussel door elkaar. Decoreer de salade met de verse bloemen.

* Haringmousse met bietjes en Pinksterbloemen en Judaspenningbloemen (2 personen)

Dit is een heerlijk voorgerecht of lunchgerecht, het ziet er beeldschoon uit, voor de liefhebbers van paars en roze!

Ingredienten:

- 3 zoete haringen
- 1 middelgrote gekookte rode biet
- 2 el roomkaas of mascarpone
- 1 flinke el geknipte bieslook
- Pinksterbloemen en Judaspenningbloemen

Bereiding

Pureer de haringen, samen met de rode biet en de roomkaas of mascarpone. Meng de bieslook erdoor. Maak een hoopje van de mousse op een mooi bord met een lepel of een ijstang en dresseer het bord naar eigen inzicht met de bloemen. Serveer met roggebrood of ciabatta. Je zou het ook op een mooie lepel als amuse kunnen serveren.

Bronnen

1. Chen, G. et al. (2011) Role of the Nrf2-ARE pathway in early brain injury after experimental subarachnoid hemorrhage. J. Neurosci. Res. 89, 515–523
2. Chen, M.J. et al. (2012) Apoptosis induction in primary human colorectal cancer cell lines and retarded tumor growth in SCID mice by sulforaphane. Evid. Based Complement. Alternat. Med. 2012, 415231
3. Dash, P.K. et al. (2009) Sulforaphane improves cognitive function administered following traumatic brain injury. Neurosci. Lett. 460, 103–107
4. Fahey, J.W. et al. (1997) Broccoli sprouts: an exceptionally rich source of inducers of enzymes that protect against chemical carcinogens. Proc. Natl. Acad. Sci. U.S.A. 94, 10367–10372
5. Grieve, Mrs. M. A Modern Herbal, 1931
6. Hong, Y. et al. (2010) The role of Nrf2 signaling in the regulation of antioxidants and detoxifying enzymes after traumatic brain injury in rats and mice. Acta Pharmacol. Sin. 31, 1421–1430
7. Jazwa, A. et al. (2011) Pharmacological targeting of the transcription factor Nrf2 at the basal ganglia provides disease modifying therapy for experimental parkinsonism. Antioxid. Redox Signal. 14, 2347–2360
8. Kanematsu, S. et al. (2011) Sulforaphane inhibits the growth of KPL-1 human breast cancer cells in vitro and suppresses the growth and metastasis of orthotopically transplanted KPL-1 cells in female athymic mice. Oncol. Rep. 26, 603–608
9. Kleijn, H.Planten en hun naam 1970
10. Li, Y. et al. (2011) Sulforaphane potentiates the efficacy of 17- allylamino 17-demethoxygeldanamycin against pancreatic cancer through enhanced abrogation of Hsp90 chaperone function. Nutr. Cancer 63, 1151–1159
11. Mao, L. et al. (2011) Transcription factor Nrf2 protects the spinal cord from inflammation produced by spinal cord injury. J. Surg. Res. 170, e105–e115
12. Mukherjee, S. et al. (2008) Broccoli: a unique vegetable that protects mammalian hearts through the redox cycling of the thioredoxin superfamily. J. Agric. Food Chem. 56, 609–617
13. Myzak, M.C. et al. (2007) Sulforaphane retards the growth of human PC-3 xenografts and inhibits HDAC activity in human subjects. Exp. Biol. Med. (Maywood) 232, 227–234
14. Noyan-Ashraf, M.H. et al. (2005) Dietary approach to decrease agingrelated CNS inflammation. Nutr. Neurosci. 8, 101–110
15. Ping, Z. et al. (2010) Sulforaphane protects brains against hypoxic–ischemic injury through induction of Nrf2-dependent phase 2 enzyme. Brain Res. 1343, 178–185
16. Qazi, A. et al. (2010) Anticancer activity of a broccoli derivative, sulforaphane, in Barrett adenocarcinoma: potential use in chemoprevention and as adjuvant in chemotherapy. Transl. Oncol. 3, 389–399
17. Senanayake, G.V. et al. (2012) The dietary phase 2 protein inducer sulforaphane can normalize the kidney epigenome and improve blood pressure in hypertensive rats. Am. J. Hypertens. 25, 229–235
18. Tang, L. et al. (2008) Consumption of raw cruciferous vegetables is inversely associated with bladder cancer risk. Cancer Epidemiol. Biomarkers Prev. 17, 938–944
19. Wang, X. et al. (2012) Activation of the nuclear factor e2-related factor 2/antioxidant response element pathway is neuroprotective after spinal cord injury. J. Neurotrauma 29, 936–945
20. Wu, L. et al. (2004) Dietary approach to attenuate oxidative stress, hypertension, and inflammation in the cardiovascular system. Proc. Natl. Acad. Sci. U.S.A. 101, 7094–7099
21. Zhang, Y. et al. (1992) A major inducer of anticarcinogenic protective enzymes from broccoli: isolation and elucidation of structure. Proc. Natl. Acad. Sci. U.S.A. 89, 2399–2403
22. Zhao, J. et al. (2005) Sulforaphane enhances aquaporin-4 expression and decreases cerebral edema following traumatic brain injury. J. Neurosci. Res. 82, 499–506
23. Zhao, J. et al. (2007) Enhancing expression of Nrf2-driven genes protects the blood brain barrier after brain injury. J. Neurosci. 27, 10240–10248
24. Zhao, X. et al. (2007) Transcription factor Nrf2 protects the brain from damage produced by intracerebral hemorrhage. Stroke 38, 3280–3286
25. Zhao, X. et al. (2009) Neuroprotective role of haptoglobin after intracerebral hemorrhage. J. Neurosci. 29, 15819–15827

This entry was posted in Uncategorized. Bookmark the permalink.

Comments are closed.